Index
                                                                                                                                                                        


  Portret Jonathan Edwards



  Geloof en ervaring (2)
  Geloof en ervaring (3)


Jonathan Edwards - Geloof en ervaring (1)

"Ik had (...) de grootste vreugde in de Heilige Schriften, meer dan in welk boek ook. Vaak als ik aan het lezen was, leek elk woord mijn hart te raken. Ik gevoelde overeenstemming tussen iets in mijn hart en deze zoete en krachtige woorden."

(door ds. M.J. Kater)

Dit zijn enkele woorden uit de autobiografie ("Personal Narrative") van iemand die de HEERE door Zijn Geest de gave had geschonken van een geweldige denkkracht. Als ik u in een paar artikelen mag laten kennismaken met deze belangrijke theoloog uit de 18e eeuw, dan zal dat niet meer zijn dan even een glimp opvangen van deze God-geleerde. Want dat was hij, al zijn er onder zijn werken ook bij die behoren tot de grote filosofische werken in deze wereld.
Naast een enkel moment uit zijn leven wil ik u graag enkele van zijn gedachten doorgeven over het altijd weer actuele onderwerp "geloof en ervaring". Naar mijn stellige overtuiging kunnen we daar aan het eind van de 20e eeuw onze winst mee doen.

Honing
Een voorbeeld dat hij nogal eens gebruikt om duidelijk te maken wat de plaats van de ervaring is in het geloofsleven is het proeven van honing. De vraag is: wanneer weet u nu ècht wat honing is? Is dat zo wanneer u alles gelezen hebt over wat honing is, zodat u precies kunt vertellen hoe het vervaardigd wordt en welke eigenschappen het heeft? Néé, want u weet niet eens hoe het smáákt!

Op dit front nam Edwards zijn positie in tegenover de zogenaamde rationalisten ("rationalists"), mensen die het geloof beschouwden als een verstandelijke kennis en geloven als een verstandelijk redeneren. Men zou het geloven "per conclusie"  kunnen noemen. U kent dat wel:
(1)  Jezus is voor zondaren gestorven,
(2)  Ik ben een zondaar, dus
(3)  Jezus is voor mij gestorven.
Geloven is dan niet meer dan aannemen dat deze laatste conclusie juist is.
"Verlichte" mensen legden bovendien de Schrift op de ontleedtafel van het menselijk verstand en het wetenschappelijk denken en sneden haar op mensenmaat.
Maar stel nu dat iemand op de vraag wat nu eigenlijk honing is, antwoordt:"O, dat is zo zoet, zó zoet..."  Wéét hij nu wat honing is? Néé, want hij weet immers niet wàt het is dat zo zoet is!
Hiermee is dan een ander front getekend waarop Edwards moest strijden, de zogenaamde "enthusiasts", de mensen die leefden uit en geloofden in hun religieuze emoties en ervaringen. Met name als gevolg van de opwekkingen die Edwards meemaakte, kwam hij in aanraking met mensen die dreven op hun ervaring. Maar zij konden zich geen rekenschap geven van de waarheid uit Gods Woord die hun emoties in beslag nam. Geloven is dan niet meer dan "wat" voelen of ervaren.
Het ware geloof heeft beide in zich: het weet wat honing is èn kent de smaak ervan door het te proeven! Het is zo een zaak van de hele mens met verstand, wil en gevoel. Het is een bevindelijk kennen. Het is be-proef-de kennis.

Achtergrond
Als Edwards op 5 oktober 1703 ter wereld komt in de pastorie van East Windsor, is de geschiedenis van het puritanisme in Amerika inmiddels een kleine eeuw oud.
De geschiedenis van het protestantisme en puritanisme in Amerika begint met de "pilgrimfathers". In 1620 verlaten de eerste puriteinen via Nederland hun vaderland om in de nieuwe wereld een nieuw leven te beginnen. Deze eerste kolonisten hadden heel duidelijk religieuze motieven. Ze wilden een werkelijk theocratische samenleving beginnen en hoge geestelijke en kerkelijke idealen verwerkelijken. Echter, het verval begon spoedig. Formalisme kwam de kerk ook daar binnen, openlijke zonden werden toegelaten. Het morele leven kwam langzamerhand in plaats van de persoonlijke relatie met God door de wedergeboorte. Weliswaar aanvaardde men de geloofsbelijdenis van Westminster, maar in de praktijk bleek steeds vaker dat voorgangers niet meer van harte achter de calvinistische beginselen stonden. Een zekere gematigdheid ("moderatism") kwam op en daarmee ook een toenemende invloed van het arminianisme! (Is dat niet actueel?!). Daarnaast deed ook de invloed van de verlichting zich gelden in Nieuw Engeland. Het zijn allemaal ontwikkelingen die Edwards hebben aangegrepen en waartegen hij met het zwaard van de Geest gestreden heeft in prediking en geschrift.

Opwekkingen
Na zijn studie, waarin zijn talenten gebleken zijn, wordt hij op 27 februari 1727 bevestigd tot hulppredikant in de gemeente van zijn opa Stoddard, wel de "paus van Massachusetts"  genoemd. Na het overlijden van zijn opa twee jaar later dient Edwards deze gemeente te Northampton nog tot 1750.
In de jaren 1734-´35 maakt Edwards daar een geweldige opwekking mee. Daarvan heeft hij verslag gedaan in zijn "Faithful Narrative"  (Ned. uitgave: "Die God leeft nog"), een boekje waarin hij een diepgaande analyse geeft van het verschijnsel "opwekking". Hij noemt het een buitengewoon werk van de Heilige Geest vanwege: het grote aantal personen dat tot bekering komt, de kracht waarmee de Geest werkt zodat in korte tijd mensen komen tot een heldere kennis van Christus, de diepgang die openbaar komt in het beleven van de zondigheid van de zonde en de rijkdom van Gods genade en ook aangezien de uitbreiding ervan geweldig is in omliggende plaatsen.
Bijzonder zijn vooral de jaren 1740-´45, de jaren van de grote opwekking ("Great Awakening"). In die tijd bezoekt ook George Whitefield, de bekende methodistische opwekkingsprediker, Amerika en ontmoet hij Edwards. Edwards was meer de theoloog, Whitefield de redenaar. Samen heeft de Heere hen willen gebruiken voor de uitbreiding van Zijn koninkrijk.
Maar Edwards was ervan overtuigd dat niet de buitengewone verschijnselen en allerlei bijzondere ervaring de garantie waren dat het in deze opwekkingen ging om het werk van de Geest. De duivel kan buitengewone gaven, visioenen en openbaringen heel goed imiteren. Echter niet een heilig en ootmoedig leven! Een les die we in onze tijd van "bijzonderheden" ter harte mogen nemen.

Soevereiniteit
Het is altijd gevaarlijk om één aspect van iemands prediking te noemen zonder andere aspecten te bespreken. Toch, als één ding genoemd moet worden uit de prediking van Edwards, dan is het wel zijn prediking van Gods soevereiniteit. Niet als systeem, maar als de werkelijkheid van de levende God. Het is juist die prediking die de Heere heeft willen zegenen.
Daarnaast wil ik niet onvermeld laten dat de eerste beweging in het "dal van dorre doodsbeenderen"  te Northampton kwam tijdens een serie preken over de rechtvaardiging door het geloof alleen (over Rom. 4:5).

Artikel 2


                                                                                                                                              Uit:"De Wekker"